• Born 5 July 1861 - Kerkdriel
  • Deceased 1 December 1929 - Bakel,aged 68 years old
  • Landbouwer, Boterfabriekje in Driel, slachterij, fabrieksarbeider (strohulzen), Handelaar in fruit in Helmond, Handelaar in kolen en witzand in Helmond, Zonder beroep, Koopman, vrachtrijder, fabrieksarbeider

 Parents

 Spouses and children

 Siblings

(display)

 Events


 Notes

Individual Note


_INQUVAR1:

_INQUVAR1CAT: BR Tiel adres IJzendoorn

_INQUVAR2:

_INQUVAR2CAT: Kranten Tiel mbt faillissement
Na het overlijden van zijn moeder in 1887 blijft Hendrikus Antonius in de ouderlijke woning (Mgr Zwijssenplein 7; 1959) Zijn broers en zussen verhuizen.
Waarschijnlijk gaat hij verder met de slachterij.

In 1897 vraagt hij vergunning aan voor een roomboterfabriek achter zijn huis (1959: Dalemstraat 29)
Vrij van zegel, ingevolge Kon. Besluit van 4 Novr 1875 No 21

Nauwkeurige beschrijving volgens de wet van 2 Juni 1875 (St. bl No 95) van de roomboterfabriek tot welken oprichting door H. van Heck vergunning is aangevraagd.

De roomboterfabriek zal worden ingericht in de lokalen, liggende in het zuidelijk gedeelte van het door verzoeker bewoonde huis aan den Dalem te Kerk-Driel, wijk A No 119, kadastraal bekend gemeente Driel, Sectie K No 112 em we; zoodanig als op de hierbij gevoegde platte grondteekening en woorden is aangeduid.
In de inrichting zal worden vervaardigd uitsluitend roomboter.

Aldus opgemaakt den 12 Juni 1897

H. van Heck

Gewaarmerkt door het Gemeentebestuur van Driel
Den 3 Juli 1897.

De Secretaris De Burgemeester
J. de Groot Van Baaren(?)
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Op 1-1-1901 schrijft hij zich uit om te verhuizen naar Duisburg (vertrekkerslijst Driel)????
Op 8-6-1901 vraagt hij vergunning aan voor het inrichten van een slachterij (1959: Dalemstraat 29)

23-5-1902 schrijft hij zich weer in in Driel, om op 16-6-1902 te vertrekken naar Horst (Limburg)

"Bij vonnis der Arrondissements Rechtbank in staat van faillissement verklaard."
Helaas is het archief van de Arrondissementsrechtbank Tiel in de oorlog verbrand, en details zijn dus waarschijnlijk niet meer te achterhalen.

Op 27-10-1906 wordt hij in Helmond ingeschreven als fabrieksarbeider strohulzen.
Op 6-4-1907 schrijft Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst, Commissaris der Koningin van Noord-Brabant in zijn aantekeningen: "De industrie gaat niet goed: de margarinefabriek van Prinzen werd verplaatst naar Rotterdam; 115 werklieden bleven in Helmond achter; de linnen en juteweverij van H. van Thiel en Co werd stopgezet, 80 meisjes kregen gedaan; de groote papier- en stroohulzenfabriek waar 150 menschen werken is failliet; de katoennijverheid gaat slecht...."
De strohulzenfabiek werd in 1900 gevestigd, in 1907 werd het deel van de cacaofabriek geplaatst dat nu nog op de hoek van de Kanaaldijk en de Engelseweg staat.

Later wordt hij handelaar in olie en witzand in Helmond
Zou vader zijn van 22 of 23 kinderen volgens Jan van Heck

Datum: 25-08-1887
Soort: Milieuvergunning
Aanvrager: H. van Heck-van Oort
Woonkern: Kerkdriel
Straat: Mgr.Zwijsenplein 7 (1959)
Wijk: A 68
Omschrijving: Oprichten slachterij
Opmerking: In een schuur achter haar pand, uitkomende op De Straatjes (=Molenstraat). Waarschijnlijk staat de voorzijde van het pand aan het Mgr.Zwijsenplein
Kadastrale aanduiding: K1532
Tekening(en): 1
Bij bezoek aan onze studiezaal kunt u dit dossier aanvragen als: 113 / 4030

Datum: 03-07-1897
Aanvrager: H.A. van Heck
Woonkern: Kerkdriel
Wijk A, 119 (1959: Dalemstraat 29)
Soort: Milieuvergunning
Omschrijving: Oprichten roomboterfabriek
Opmerking: In 1897: Aan den Dalem.
Kadastrale aanduiding: K112
Tekening(en): 2
Bij bezoek aan onze studiezaal kunt u dit dossier aanvragen als: 113 / 4049

Datum: 08-06-1901
Aanvrager: H.A. van Heck
Woonkern: Kerkdriel
Straat: Dalemstraat 19 (1959)
Wijk: A 124
Soort: Milieuvergunning
Omschrijving: Oprichten slachterij
Opmerking:
Kadastrale aanduiding: K112
Tekening(en): 1
Bij bezoek aan onze studiezaal kunt u dit dossier aanvragen als: 113 / 4060

Het ontstaan van een zuivelinspectie op overheidsniveau hing samen met de veranderde houding van de overheid ten aanzien van het ingrijpen in het vrije spel der economische krachten. In het midden van de negentiende eeuw bloeide de
Nederlandse landbouw. De laissez-faire politiek van deze periode had handelsbelemmeringen weggenomen en daarmee de export bevorderd [1] . De keerzijde van deze vrijhandelspolitiek was dat het centrale gezag naliet om knelpunten in de landbouw weg te nemen [2] . Zo bleef het tiendrecht, dat de boer de energie ontnam de produktie van zijn bedrijf op te voeren, bestaan. Ook malversaties in de boterhandel konden ongestraft plaats blijven vinden [3] . De gevolgen hiervan, versterkt door de agrarische crisis in het laatste kwart van de negentiende eeuw, waren voor de overheid aanleiding in de landbouw en in het bijzonder in de zuivelsektor een regulerende taak op zich te nemen [4] .
Vanaf ongeveer 1875 heerste er in de landbouw gedurende twintig jaar een depressie [5] . Ontstaan in de graanverbouw, duurde het nog enkele jaren voordat de depressie zich ook deed gevoelen in de zuivelsector. De dalende prijzen op de wereldmarkt versterkten dan de reeds verslechterde situatie in de zuivelhandel. De afzet en vooral de export van zuivel hadden de jaren daarvoor al ernstige problemen ondervonden van vervalsing van boter en van concurrentie van de sinds 1870 opgekomen margarine-industrie [6] . Het was echter niet alleen de margarine die de Nederlandse boter concurrentie aandeed maar ook de boter uit het buitenland, met name uit Denemarken [7] . Het bleek dat de techniek van de zuivelbereiding die in Nederland werd toegepast verre was achtergebleven bij de ontwikkeling in het buitenland [8] . Op het moment dat alle problemen elkaar versterkt hadden tot een crisis, greep de overheid in. In 1889 kwam de Boterwet (S. 82) tot stand. Deze wet beoogde de samenstelling van boter te garanderen en daarmee vermenging met margarine te voorkomen. Omdat er geen ambtenaren belast met het toezicht op de naleving van de Boterwet waren aangesteld, werd deze wet in 1900, na gebleken ontoereikendheid, gewijzigd. Bij deze wijziging (S. 112) werd de Rijkszuivelinspectie opgericht die ambtenaren in dienst had om overtreding van de wet op te sporen. Deze ambtenaren hadden de titel van rijksboterinspecteur en botervisiteurs. In de gewijzigde Boterwet van 1908 (S. 285) werdenzij rijkszuivelinspecteur, adjunct-rijkszuivelinspecteur en rijkszuivelvisiteurs genoemd, en met ruimere bevoegdheden bekleed.
2.11.38.01 9
9. Sneller I, 94;-Blink II, 399.-Landbouw, deel Zuivelbereiding, 6 en 8.
10. Landbouw, deel Zuivel, 10.

  Photos and archival records

{{ media.title }}

{{ mediasCtrl.getTitle(media, true) }}
{{ media.date_translated }}

 Family Tree Preview

Johannes van Hek 1784-1847 Anna Maria van de Coolwijck 1784-1827 Jan van Oort 1797-1877 Hendrika Verbeek 1792-1869
||||






||
Hendrik van Heck 1810-1880 Hendrica van Oort 1824-1887
||



|
Hendrikus Antonius van Heck 1861-1929