Jan van AMSTEL

M  Jan van AMSTEL Johan

(Jan van AMSTEL)


  • Gedoopt op 12 december 1618 - Gemert,NB,NLD
  • Overleden op 29 september 1669 - Schijndel,NB,NLD, leeftijd bij overlijden: 50 jaar oud
  • Zeeheld / luitenant op oorlogsschepen
1 media beschikbaar 1 media beschikbaar

 Ouders

 Relaties

  • Gehuwd op 20 november 1661, Alkmaar,NH,NLD, met Cornelia SCHAEGEN †/1667
  • Gehuwd op 31 januari 1667, Amsterdam,NH,NLD, met Anna BOXHOOREN 1640-1726

 Broers en zusters

(tonen)

 Gebeurtenissen


 Notities

Aantekeningen

Johan van Amstel stamt af van Karel de Grote volgens de CD-ROM
van NGV, uitgegeven bij hun 65 jarig jubileum.
----------------------------------------------------------------------------------------
Walraven van Boxhooren is in 1589 geboren in Gemert.
In dat zelfde jaar is Hendrik van Amstel ook in Gemert geboren.
Deze "jeugdvrienden" hebben in hun latere leven, zakelijk veel met
elkaar te maken gehad. Dat hun kinderen, Johan van Amstel en Anna
Boxhooren, met elkaar getrouwd zijn, is dus niet onlogisch.
----------------------------------------------------------------------------------------
Details
Joannes van Amstel
gedoopt op woensdag 12 december 1618 Gemert
DOOPDATUM: 12-12-1618,
gezindte:RK,
plaats: Gemert
KIND: Joannes zn van:
VADER: Henricus Henrici Petri van Amstel,
MOEDER: Anna Petri van Grinsven
PETER: Joannes Nicolai,
METER: Diver Beckers, uit Amsterdam (note:Dieuwertje Bicker)
weduwe van: Jan Janssen van Helmont
GETUIGE 4 (ipv Meter): Anna Petri van Grinsven ex Schijndel
Bron: G.A. Gemert-Bakel, register: 1, folio: 167
Bron:Gemert dopen 1586-1810, compleet
Archief:DTB Gemert
inventarisnummer 1-11,20,27-28,30-31,33-38
Retroacta van de Burgerlijke Stand
--------------------------------------------------------------------------------------
http://alkmaar.digitalestamboom.nl/
Bruidegom Johan van Amstel
Bruid Cornelia Schagen
Plaats Alkmaar
Datum trouwen 20-11-1661
DTB inv. 26
---------------------------------------------------------------------------------------
Personalia
Naam: Jan van Amstel
Geboren: 12-12-1618 te Gemert
Overleden: 29-09-1669 te Schijndel
Ouders: Henrick Henricks van Amstel en Anna van Griensven
Broers, zussen:
Hendrik
Willem
Maria
Emerentiana
Elisabeth
Johanna
Peter
Echtgenoot:
Cornelia Schaegen
Levensloop:
0 jaar: geboorte Jan
2 jaar: geboorte zus Maria
4 jaar: geboorte zus Emerentiana
6 jaar: geboorte zus Elisabeth
10 jaar: geboorte zus Johanna
13 jaar: geboorte broer Peter
50 jaar: Jan overlijdt
----------------------------------------------------------------------------------------
http://www.thuisinbrabant.nl/personen/a/amstel,-jan-van
----------------------------------------------------------------------------------------
1.20
31 januari 1667
Informatie Jan van Amstel
Amsterdam
De Ed. manhaftigen zeeheld Jan van Amstel en Juffr.Anna
Bocxhoren verklaren te zamen in de echt te treden dd.31 januari 1667;
.
Amsterdam - 29 januari 1667 huwelijksaangifte van Jan van Amstel
en Anna Boxhoren;
Schijndel - schuldbekentenis groot f 500,- van Elisabeth aan haren
broeder Jan van Amstel, zeekapitein dd.11 november 1662;
.
Schijndel - toestemming van Hendrik van Amstel tot het huwelijk van
zijn zoon Jan van Amstel, zeekapitein met Juffr. Cornelia Scaegen
dd 26 0ctober 1661;
.
In den name des Heeren Amen.
Op huijden op den laetsten Januarij 1667 compareerden voor mij
Francis Meerhout, openbaar notaris bij den Hove van Hollant
geadmitteerd tot Amsterdam residerende, ter presentie van de
naervolgende getuijgen door den E. manhaften Johan van Amstel,
capitein ter zee, sorterende onder Ed.Mo: collegie ter admiraliteijt
binnen deze stede, weduwnaar van wijlen Cornelia Schaegen,
toecomende bruidegom, geaccompangeert met den Heer Cornelis
Tromp ende den Ed.Heere Joncker Thomas van Egmont van den
Nijburch, borgemeester ende Raat der Stadt Alckmaar ter eenre
ende Juffr.Anna Bocxhorn, jonge dochter, toecomende bruijt,
geassisteerd met Bocxhorn, haar oom en voocht, ter andere zijde
verclarende de voorn. toecoomende bruidegom en bruit met advoij
consent en welbehaegen van de voorn. haeren oom ende voocht
met malcanderen overeengekomen, verdragen ende geaccordeerd
te wesen, om gezamentlijk te vergaderen en treden in den echten
staat enzovoorts. Alle welke conditien antenuptiale voorwaarden de
voorn. toecoomende echtgenooten malcanderen belooft hebben
enz.
Geteekent Jan van Amstel, Anna Boxhooren, Tromp 1667,
Thomas van Egmont van d'Nijnburch, Christiaan Boxhorn,
Francois Meerhout notarius publicus.
----------------------------------------------------------------------------------------
1.21
18 april 1668
Testament Jan van Amstel.
Hij vermaakt aan Peter van Amstel, Maijcken van Amstel,
Emerentiana van Amstel en Lijsbeth van Amstel, zijn broeder en
zusters ieder de som van 3000 guldens. Aan de twee kinderen van
zijn overleden broeder Willem van Amstel ieder 250 guldens.
Verder benoemt hij tot universeel erfgenaam zijn huisvrouw.
( Zie verder ook het boek van Bert van der Velden over Jan van Amstel).
----------------------------------------------------------------------------------------
http://www.thuisinbrabant.nl/biografieen.asp?ccidentifier=673&ccSortorder=title
-
Amstel, Jan van (1618-1669) Zie foto van schilderij waar hij met
Anna Boxhoren afgebeeld staat.
Kapitein bij de Amsterdamse admiraliteit
Auteur: Adri van Vliet
Ingevoerd: 28-10-2005 10:56:00 AM
Op 12 december 1618 werd in de Gemertse parochiekerk Sint-Jan
Johannes van Amstel, zoon van Hendrick van Amstel en Anneke van
Grinsven gedoopt. Als peter trad op Johannes van Grinsven. De
meter Dieuwertge Bicker, weduwe van Jan Jansz. van Hellemont uit
Amsterdam, liet bij de doopplechtigheid verstek gaan en werd
vertegenwoordigd door Anna van Grinsven. Jan van Amstel was de
derde zoon in het gezin. Later zouden nog drie dochters en een
zoon worden geboren. In het najaar van 1661 trouwde hij Cornelia
Schaegen. Op 29 januari 1667 huwde hij in Amsterdam met Anna
Bocxhoorn uit Eindhoven. Jan van Amstel overleed op 29 september 1669.
Kapitein van Amstel en zijn tweede vrouw Anna Boxhoorn. Schilderij
door Abraham van den Tempel (coll. Museum Boijmans Van
Beuningen, Rotterdam)
Dankzij een erfenis van zijn vrouw verkreeg Hendrick van Amstel in
Schijndel een huis, schuur, brouwhuis, bakhuis, hof en landerijen.
Rond 1633 verhuisde het gezin Van Amstel dan ook van Gemert
naar Schijndel. Jans ouders behoorden tot de plaatselijke elite. Zijn
vader was een gegoede brouwer en glazenmaker. Zijn moeder was
een dochter van de Schijndelse secretaris en brouwer Petrus W.
van Grinsven en van Anneke van Hellemont, dochter van de
drossaart van Heeswijk, Dinther, Schijndel en Berlicum. Over de
jeugdjaren van Jan van Amstel in Gemert en Schijndel is helaas
niets bekend.
Door familierelaties van moederszijde hadden de Van Amstels
contacten met het regentenpatriciaat in Amsterdam. Jans oma,
Anneke van Hellemont, had een broer die gehuwd was met
Dieuwertge Bicker, een telg uit het invloedrijke Amsterdamse
geslacht Bicker. Het was dan ook niet vreemd dat de Brabander Jan
van Amstel op achttienjarige leeftijd naar zijn Amsterdamse familie
vertrok. Dieuwertge was tenslotte zijn peettante. Het romantische
verhaal dat A.J. van der Aa in 1852 in zijn biografisch woordenboek
opdist, kan zonder meer naar het rijk der fabelen worden verwezen.
Jan van Amstel was geen boerenzoon die uit angst voor zijn vader
naar Amsterdam vluchtte, omdat hij een paard kreupel had laten
lopen. De Bickers hadden grote invloed op de Amsterdamse
admiraliteit en via hen kreeg Van Amstel een baan bij dit college. De
Brabantse landrot maakte snel carrière. Onduidelijk blijft of dit een
gevolg was van zijn capaciteiten of van zijn familierelaties.
Hij is waarschijnlijk begonnen als adelborst, maar in 1653 komen we
Van Amstel al tegen als ‘luitenant te water'. Hem viel toen de eer te
beurt de degen van commandeur Jan van Galen te dragen bij diens
begrafenis in de Nieuwe Kerk te Amsterdam. Vanaf dat tijdstip is zijn
maritieme loopbaan beter te volgen. Na afloop van de Eerste
Engelse Zeeoorlog (1652-1654) werd Van Amstel voor zijn bewezen
diensten bevorderd tot commandeur en door de Staten-Generaal
belast met een zending naar de grootvorst van Moscovië. Een
eervolle opdracht. Om onduidelijke redenen werd deze diplomatieke
missie op het laatste moment afgelast.
In juni 1658 vertrok vice-admiraal Michiel Adriaenszoon de Ruyter
met een uit 24 schepen bestaande vloot naar de kusten van
Portugal dat toen met de Republiek in oorlog was. Ook Van Amstel
was van de partij. In plaats van Abraham van der Hulst voerde hij als
luitenant-kapitein het bevel over 's lands schip ‘Hilversum', uitgerust
met 50 stukken en bemand met 170 koppen. Van der Hulst was in
verband met zijn tweede huwelijk aan wal gebleven. Het enige
‘wapenfeit' van Van Amstel op deze tocht was dat hij in
samenwerking met de kapiteins Nicolaes Marrevelt en Willem van
der Zaan er in slaagde de rivier de Taag wekenlang geblokkeerd te
houden. Op 12 november 1658 kwam de vloot behouden aan bij
Texel.
De Ruyter kreeg direct opdracht zich gereed te maken om uit te
varen naar het Oostzeegebied ter ondersteuning van de Denen in
hun oorlog tegen de Zweden. Gelijktijdig ontving Jan van Amstel zijn
eerste eigen oorlogsbodem, 's lands schip ‘De Provinciën' (40
stukken en 190 koppen). Van Amstel behoorde nu tot de categorie
‘capiteyn te water'. Zijn schip kreeg bevel deel te nemen aan de
bombardementen op Elzeneur en Helsingborg. Slecht weer
voorkwam echter dat Van Amstel in actie kon komen. Wel was hij
van de partij bij een aanval vanuit zee op Nyborg op Funen. Dankzij
de inzet van Van Amstel kon Nyborg op de Zweden worden
veroverd. Daarna lag hij met zijn schip lange tijd ingevroren in
Kopenhagen. Zijn bemanning versterkte toen het garnizoen van de
belegerde stad. Pas in het voorjaar van 1660 kon Van Amstel huiswaarts keren.
In het najaar van 1661 trouwde hij Cornelia Schaegen, telg uit een
Alkmaars regentengeslacht. De huwelijksplechtigheid vond in de
Grote Kerk te Alkmaar plaats. Onduidelijk blijft of de katholiek
gedoopte Van Amstel toen of reeds eerder de overstap maakte naar
de Nederduits Gereformeerde (staats)kerk. Het paar ging wonen
aan de Amsterdamse Herengracht.
Van Amstels maritieme carrière toont daarna verder weinig hoogte-
of dieptepunten. Geregeld werd hij ingezet bij het begeleiden van
koopvaardijschepen die uit het Middellandse zeegebied kwamen. Bij
het uitbreken van de Tweede Engelse Zeeoorlog (1665-1667)
commandeerde hij het schip ‘De Vryheit' (58 stukken en 300
koppen). Met dit schip nam hij deel aan de slag bij Lowestoft (13 juni
1665) en speelde hij een belangrijke rol bij het dekken van de aftocht
van de Nederlandse vloot. Tijdens de Vierdaagse Zeeslag (11-14 juni
1666) bevond hij zich in het heetst van de strijd. Halverwege deze
zeeslag was hij gedwongen met de aan flarden geschoten ‘De
Vryheit' naar Texel te zeilen met aan boord 14 doden en 41 zwaar
gewonden.
Blijkbaar was Van Amstels eerste vrouw inmiddels overleden, want
op 29 januari 1667 huwde hij in Amsterdam met Anna Bocxhoorn uit
Eindhoven. Getuige bij de huwelijksplechtigheid was vice-admiraal
Cornelis Tromp. De Van Amstels gingen wonen aan de Rouaanse
Kade tegenover de Lutherse Kerk. Enkele maanden later stak Van
Amstel met de ‘Tydtverdryf' (60 stukken en 290 koppen) in zee. Hij
maakte toen deel uit van het eskader onder luitenant-admiraal Aert
Jansse van Nes. De door deze vloot ondernomen acties zijn bekend
geworden onder de naam ‘Tocht naar Chatham'. Binnen deze
operatie was de rol van de ‘Tydtverdryf' niet erg groot. Van Amstel
was niet betrokken bij het kapot zeilen van de ketting over de rivier
de Medway. Slechts een wachtfunctie bij de monding van de
Theems was voor hem weggelegd. De succesvolle actie op de
Theems en Medway leidde er wel toe dat op 31 juli 1667 in Breda de
vrede tussen Engeland en de Republiek werd gesloten.
Na deze zomercampagne leek het alsof Jan van Amstel zijn
maritieme carrière wilde beëindigen. De Van Amstels kochten in
december 1667 in Schijndel voor 5.400 gulden het huis ‘De Steenen
Kamer'. Om onduidelijke redenen liet de verhuizing naar het dorp
van zijn jeugd nog op zich wachten. In het voorjaar van 1668 deed
bovendien de Amsterdamse admiraliteit opnieuw een beroep op de
kapitein. Waarschijnlijk maakte de ‘Tydtverdryf' deel uit van een
eskader dat de Amsterdamse admiraliteit naar de Middellandse Zee
stuurde om koopvaardijschepen van de Republiek te beschermen
tegen de Barbarijse zeerovers. Op deze tocht schijnt Van Amstel
zwaar gewond te zijn geraakt. Vast staat dat hij in 1669 door het
Amsterdamse admiraliteitscollege eervol uit 's lands dienst werd
ontslagen. Spoedig volgde de verhuizing naar hun landelijke woning
in Schijndel. Lang heeft hij niet van zijn nieuwe woonomgeving
kunnen genieten. Op 29 september 1669 overleed Jan van Amstel.
Hij werd begraven in de Sint-Servatiuskerk. Anna Bocxhoorn keerde
terug naar Amsterdam.
De Brabander Jan van Amstel maakte geen spectaculaire carrière
door. Wel was hij prominent betrokken bij alle grote zeeslagen in zijn
tijd en een loyaal en kundig kapitein, maar de lof die Joannes
Antonides van der Goes (1647-1684) hem in een grafschrift toedicht,
lijkt toch enigszins overdreven. ‘Van Aemstel, die den Zweed op
Funen dorst bestoken,
Drie zeeslagorden van de Britten heeft verbroken,
En zelve déelste telg van 't edelste geslacht,
Die dappre helt, befaemt bij Indiaen en Mooren,
Rust hier in 't marmergraf, door eedler doot verkracht'.
Waarschijnlijk op verzoek van Anna Bocxhoorn maakte ook Joost
van den Vondel een grafdicht op de overleden zeeheld. Vondels
gedicht werd met enkele wijzigingen op zijn grafmonument
aangebracht. Daarna raakte Van Amstel in de vergetelheid. Maar
dankzij de inspanningen van de Schijndelse burgemeester P.A.
Verhagen verschenen aan het einde van de negentiende eeuw een
vijftal publicaties over Jan van Amstel, waarin de Brabantse
boerenzoon uitgroeide tot een soort mythische zeeheld. Uiteindelijk
resulteerden Verhagens activiteiten in 1897 in de oprichting van een
monument in Schijndel ‘dat ten eeuwigen dage den naam van
Jan van Amstel zal verheerlijken'.
---------------------------------------------------------------------------------------
Archeologisch onderzoek aan Hoofdstraat in Schijndel
Voordat er op de hoek Hoofdstraat-Groeneweg in Schijndel gestart
wordt met de bouw van onder meer de supermarkt C1000 en 25
appartementen, wordt daar deze maand eerst archeologisch
onderzoek verricht. De hoop is dat deze locatie details over de
vroege geschiedenis van de Schijndelse kom zal prijsgeven.
Omdat eventuele bodemschatten bij de benodigde
grondwerkzaamheden voor het nieuwe complex verloren kunnen
gaan, heeft de gemeente Schijndel aangedrongen op archeologisch
onderzoek. De Hoofdstraat - oorspronkelijk Regte Weg geheten -
was tot voor 1900 de hoofdweg naar het dorpscentrum. Op de hoek
met de Groeneweg stond al zeker vanaf 1622 een brouwerij, met
onder meer een woning en bakhuis. Deze bezittingen zijn in 1633
geërfd door de vader van zeeheld Jan van Amstel. Archeologische
vondsten in de omgeving geven aan dat Schijndel een vroege
oorsprong heeft. Vlakbij, aan de Hoofdstraat 87 bij de Markt, werden
in 1949 al eens drie 'Raeren' kruikjes uit 1598 gevonden. Vorige
week is het terrein op de hoek Hoofdstraat-Groeneweg met hekken
afgezet. Het wordt geschikt gemaakt voor onderzoek. Dat betekent
dat alle aanwezige 'obstakels' als bomen, beplanting en verharding
worden verwijderd. Om het huis van de familie Jansen op dit perceel
worden vervolgens twee proefsleuven van twintig bij acht meter
gegraven. Naar verwachting begint dit veldwerk op 22 augustus en
neemt het zo'n drie weken in beslag. Het wordt verricht door leden
van de Archeologische Vereniging Kempen en Peelland, een
afdeling van de Archeologische Werkgemeenschap voor Nederland.
Maar ook leden van de Heemkundevereniging Schijndel zijn bij dit
onderzoek betrokken.
-
Gesloopt
Uiteindelijk wordt ook de woning op dit terrein gesloopt. Het is
volgens wethouder G. Wouters (ruimtelijke ordening) de bedoeling
dat hier in het najaar wordt begonnen met de nieuwbouw. Het plan
hiervoor is gemaakt door het Rosmalense Artica
Vastgoedontwikkeling. Deze projectontwikkelaar heeft toegezegd de
kosten voor dit archeologisch onderzoek te betalen. Die bedragen
zo'n 12.000 euro, aldus Wouters.
---------------------------------------------------------------------------------------
Diversen uit Schijndelse Archieven over o.a. de fam. van Amstel
1. gehuwd met Maria, allen kinderen van Hendrik van
Amstel, welke goederen uit archiefstukken die destijds zijn
verzameld door burgemeester P.A.Verhagen.
Schepenbrief van 15 januari omslag 13
2. Een serie aantekeningen 1672 betreffende een scheiding
en deling van de goederen van de familie VAN AMSTEL nl. Peter,
Elisabeth en Emerentiana, samen met Jan Goijaerts VAN LIMBURG
zij bij koop hadden verkregen van Juffrouw Anna BOXHORN de
weduwe van Jan van Amstel
3. Idem een schepnbrief dd. 6 october 1633 betreffende de
famlie van Amstel
4. Het lofdicht van Joost van den Vondel op de grafzerk van
zeeheld Jan van Amstel, waarvan Verhagen schrijft, dat dit
grafschrift te lezen is op een zerk, liggende in de RK Kerk van
Schijndel voor het Sint Josephaltaar
5. Katern met aantekeningen over de spelling en de
oorsprong of de betekenis van de naam van de gemeente en de
bijbehorende gehuchten; een eerste toponymische verkenning van
de Schijndelse gehuchtnamen
6. Lijst der overledenen vanaf 23 december 1667 tot en met
23 juli 1744 met de namen van de overledenen en de
overlijdensdatum - zie bijlage
7. Lijst van 'allerlei acten' met datering en omschrijving over
de periode 1535-1664 - zie bijlage
8. Akte van patent uit 1827 van Wouter VAN DEN BERGH
brood- en banketbakker te Schijndel
9. Taxatiebiljet op verzoek van genoemde Wouter van den
Bergh betreffende de huurwaarde van zijn bezittingen, waarbij de
percelen met naam en toenaam staan opgetekend alsmede de
perceelsgrootte en het huurbedrag, geregistreerd te Veghel op 7 april 1808
---------------------------------------------------------------------------------------
Oud schijnsdels Archief omslag 16
17e en 18e eeuw
Eveneens aantekeningen over 1697-1736 betreffende de genealogie
VERHAGEN, VERHOEVEN, VAN AMSTEL e.d. opgetekend door
burgemeester P.A.Verhagen.
Bovendien bevindt zich in deze omslag een originele akte van 15 juni
1658 die luidt als volgt:
Minute - accoirt
Op huyden den 19en juny xvic acht en vyftich syn voir ons
schepenen ondergeschreven gecompareert Philips Janssen VAN
EMICHOVEN als last ende procuratie hebbende van Heer Jan
Aertssen VAN HELMONT, Dirck Dircks VAN KESSEL, ende Peeter
VAN GRIENSVEN als momboiren van de drie onmundige kynderen
van wijlen Hendrick Aerts VAN HELMONT, Pauwels Cornelis
PENNINCX ende Willem Hendricx VAN AMSTEL als momboiren
over de drie onmundige kynderen van Pauwels Aertssen VAN
HELMONT, Wolfert IDELET als speciael procuratie hebbende van
Corstiaen BOXHOREN, Sr. Dirck Dircxsen VAN DEN BROECK
ende Dirck Willems VAN DEN BROECK als momboiren ende
voogden van de drie onmundige kynderen van wijlen Jenneken
Aertsen VAN HELMONT, verweckt by Walraven VAN BOXHOREN,
mitsgaders Reynder Hendrick JOOCHEMS als momboir over de
selve onmundige kynderen wijlen Mechtelt dochter Jan Wouter
PENNINCX verwect by wijlen Maijken dochter Aert Jans VAN
HELMONT voirs. ende Jacob Jan LAURENSSEN als hem fort ende
sterck maeckende voir Peeter Gerits VERDUSSEN oock mede
momboir van de voirs. kynderen Mechelt Jans PENNINCX vurseyt in
dye qualiteyt als kyntskynderen van wijlen Aert Jans VAN HELMONT
voirgenoemt; ende hebben bekent ende beleden gelijck sy bekennen
ende belijden midts desen van allen sgeens de kynderen oft
kyntskynderen vanden voirs. Aert Janssen VAN HELMONT soo
inden leven vanden voirnoemden Aert Janssen VAN HELMONT als
nae doode van Marijken sijne achtergelaten weduwe grootmoedere
vande voirs. kyntskynderen deen voir dander nae tot desen daege
toe genooten, gerestitueert ende ontfangen heeft tsy by wat
manieren ende vuegen tselve geschiet is, soo van houwelicke
penningen, schenkagien, giften'leverantien van waren als andersints
hier ….tselve soude mogen niet vuytgescheyden ende syn midts
desen op alle voirdere pretensien vertydende ende dat invuegen
naevolgende:
inden iersten sullen de voirs. kynderen van wijlen Handrick Aertsen
VAN HELMONT ende Barbara Cornelis PENNINCX geassisteert met
Jan Jan Aertsen VERCUYLEN haren tegenwoordigen man tot
betaelinge van vier hondert gulden haer mede geloofde houwelycse
penningen ende niet ontfangen, midtsgaeders in voldoeninge
inde marge: Dirck van Kessel als momboir de ses hondert vijftien
gulden midtsgaeders de vijftich gulden van Barbara van eene
kermisse (?) ontfangen te hebben dore IDELETH ende GRIENSVEN
bedunckende de selve daer mede door sy en de vurgaende intantien
op reeckeninge gegeven actum derden mert 1659 testes SMITS
ende VRINTEN [dubieus] schepenen - by my D. van Kessel
van seeckere hondert gulden byden voirs. Hendrick Aerts VAN
HELMONT inden jare xvic tweeenveertich vur Marijken sijne moeder
opgenomen ende by hem Hendricken selven gerestitueert metten
intreste van dyen volgens volgens d'acte vanden notaris VAN DEN
HEUVEL gepasseerd genieten ende ontfangen metten alder iersten
vuytte vercopinge vande erfgoederen …. vuyt eene de summe van
ses hondert ende vyftich guldens, daer mede de voirs. momboiren
der kynderen Hendricx VAN HELMONT eens te accordeeren sonder
reserve van eenige andere pretensie, dan Barbara sal alnoch
genieten tot een kermisse vyftich gulden een vanden anderen haren
….. tot een bekentenisse vyfentweintich gulden.
Item de kynderen van Pauwels Aertsen ten overstaen mede van
Mechelt haere moedere geassisteert met Jacob Jan PENNINCX
haeren tegenwoordigen man oock pretenderend evan gelycken dat
de houwelycxse penningen van vierhondert gulden niet en syn
voldaenende betaelt volgens de verclaeringe van Maryken weduwe
Aert Jans VAN HELMONT voir notaris VAN DEN HEUVEL ende
getuygen den twelfsten january 1657 gedaen ende noch op huyden
alnoch voir ons schepenen alsoo bekent
[in de marge: dese drie hondert gulden in desen accooirde de
kynderen Pauwels Aertssen van Helmont ende haer moedere syn
voldaen ende getelt aen den voirs. Mechtelt ende aende momboiren
vanden onmundige kynderen Pauwels voors. opten iersten augusti
1658 testes Handrick SMITS ende Lemmen (?) van DINTER quod
attestor Petrus GRIENSVEN secretaris 1658]
ende alnoch een betaelinge van hondertvyftich gulden byde voors.
Marycken voor den selven notaris den drieentwintichsten octobris
1657 schulde bekent mede van seeckere specificatie vuytten boeck
vande voors. Mechtelt op huyden gereeckent bedraegende
vierenvyftich gulden midtsgaeders voor alle andere schulden ende
pretensien sullen de voirs. momboiren ende moedere vuytte ….ste
cooppenningen van den goederen genieten profiteeren ende ….vuyt
ontfange de summe van tweehondert vyftich guldens ende alnoch
de veste ende opdrachte van een seecker stuck teulants gelegen
inden broexendijck binnen Schijndel gedaen ende overgegeven by
Maryken weduwe Aert Jans van Helmont voors. aen Pauwels
Aertssen haeren soone met den last van vierhondert gulden
daerinne staende volgens de letteren van heeren schepenen in
Schijndel
Opten vyfentwintichsten february xvic sevenvyftich gedaen vast
bundich ende van werden blyven sonder dat iemant van den voors.
kyntlynderen daer op nu oft ten eeuwigen iets meer sal spreecken
oft pretenderen - daerenboven worden ten laste genomen van de
gelijcke kynderen ende kyn[t]skynderen seecker drie hondert vyftich
gulden tot behoef van de twee onmundige kynderen van wijlen Aert
Jochem Aerts volgens de bekentenisse ende verclaringe byde
voors. Marycken voor den voors. notaris VAN DEN HEUVEL den 9en
january xvic drienvyftich gedaen welcke penningen van drie hondert
vyftich gulden metten intresse van dyen oock sullen worden metten
iersten voor vuyt vuytte cooppenningen voldaen ende betaelt
// zie marge:
dese drie hondert vyftich gulden in desen accoirde verhaelt ende ten
leste (?) genomen van gelycke kyntskynderen bekennen Reynder
Hendrick JOCHEMS, Gielen VRENSSEN ende Jacob Jan
LAURENSSEN als momboiren der onmundige kynderen wijlen Aert
JOCHEMS door den Heer IDELETH ende Pieter VAN GRIENSVEN
ontfangen te hebben opden derden mert 1659 - testes scabini Smits
et …..onderteeckent Reynder Hanrick Jochums, Peter
VERDUSSEN en Jacob Jan Laurenssen noch deselve van intrest
63 (?) gulden actum et testes ut supra
dus hier alnoch Mechtele ontfangen vyftich gulden by haer te leveren
(?) van intrest betaelt noch ter saecke als voor vyfentwintich gulden
aen Aert den …
item alsoo die voirs. Walraven VAN BOXHOREN met Jenneken
syne huysvrouwe oock henne houwelicx goet niet en hadden gehadt
ende van daige henne specificatie met meer andere
deboursementen hadden overgegeven ende dat oock Marijken
weduwe van Aert Jans van Helmont voors. heeft doen blycken lesen
ende reeckenen in haeren boeck staende ten laste van den voors.
Boxhoren ofte syne kynderen ende dat de momboirs der selver
kynderen vuytter cooppenningen van den goederen tot … hebben
ontfangen acht hondert ende vyftich gulden soo is geslooten
verstaen ende geaccordeert dat deen tegen den anderen doot sal
syn sonder dyen aengaende iets meer te pretenderen
item alsoo Marijken Aerts van Helmont verclaert dat Mechtelt
dochtere Jan Wouter PENNINCX van wegen haer moeders
vuytsetselle ten vollen voldaen ende oock betaelt soude wesen ende
dat sy seeght ten laste van desselffs onmundige kynderen noch een
specificatie te hebben sonder dat die van dage is gehouden oft
verthoont geweest ende wanneer de selve sal werden gesien sullen
parthijen daer inne alle ….thoonen ende met alle redelicheyt
tracteren ende doen als voirgaende, daer mede verclaeren parthijen
….ende alle schulden pretensien actien debiten ende crediten voor
soo veele hen in dyer qualiteyt hier boven geruert syn aengaende
veraccordeert overcomen ende geliquideert te syn
de post et eadem die verclaert die voirs. Marijken dat de voirs.
kynderen haer schuldich syn gebleven om haer vaders wegen die
op haer goet gewoont heeft twee jaeren hueringe beloopende de
summe van hondert vierendetwintich guldens ende ontrent
seventich gulden van …al den gelde ende verschoote penningen die
welcke vuyt diverse respecte oock sullen doot ende te niet syn
Belovende parthyen in de voirs. qualiteyt tgeene boven staet van
werden te houden ende …de voirs. kyntskynderen sullen ….deylen
stucxgewijse ende de ierder pretensien daer mede de voirs.
comparanten ende erve vast houden des bovengescreven accoirde
verbyndende henne persoon ende goederen als meer rechte - des
t'oirconde deses neffens schepenen onderteeckent opten vyftienden
junio 1658 by my
Philips van Emmecoven, D. van Kessel, Petrus van Griensven,
Mechtelt Cornelis Pennincx, Jan Janssen Vercuylen, Jacob Jan
Pennincx, W. Ideleth, Pauwels Cornelissen Pennincx, Wiellem van
Amstel, Reynder Hanrick Jochims, Jacop Jan Laurenssen, H.
Smits, onderteeckent + Adriaen Aerts van Dinter met sijne merck
my present Petrus Griensvens secr. subs. 1658
naschrift:
item alsoo verstaen wert dat de summe van hondert vierentwintich
gulden ende die van ontrent seventich gulden niet en soude comen
ten laste van den voirs. twee onmundige kynderen Aert Jochems dan
wel tot laste Jan Jaspers LAMBERTS als geweest synde
lancxtlevende van Marijken Aertssen van Helmont syne huysvrou,
soo is geaccordeert dat het recht tot de voirs. summe met het
verboth van dyen tot laste van voirs. Jans syne erfgenamen bliven
sal ende syn gereserveert tot profyte van de gelycke contrasenten
hier boven genoemt ende in plaetse van dyen soo leggen die gelijcke
contrasenten toe ende sullen aen de selve twee onmundige oft
momboirsvan dyen betaelen de summe van hondert vyfentnegentich
gulden - actum iersten augusto 1658 testen scabini Handrick Smits
ende Adriaen van Dinter - dese vijfentnegentich gulden hier boven
geruert bekennen Reynder Handrick Jochems ende Pieter
Verdussen ontfangen te hebben ende daer van voldaen dair
….Ideleth ende Pieter Griensven medemomboiren van Marijken
Aerts van Helmont ende haer kynderen - actum 26 october 1658
testes Handrick Smits et van Dinter".
---------------------------------------------------------------------------------------
Schijndels Archief, notarissen, van den Heuvel, fol.1
Compareerde de eersaeme ende achtbare MR HENDRICK VAN
AMSTEL renthier woonende binnen deser heerlicheyt van Scyndel
onder den quartiere van Peellandt meyerije van 'sHertogenbosch
end eheeft op het ootmoedich versouck van SR. JOHAN VAN
AMSTEL # [tussenvoegsel is weg) sijne wittelycke soone verweckt
bij JOFFR. ANNA VAN GRINSVEN sijne overleden huysvrouwe,
heeft geadvoyeert geconsenteert ende toegestaen gelijck hij
advoyeert consenteert ende staedt toe mits desen dat den voirs.
sijne soone sal vermogen te trouwen met seeckere JOFFR.
genoempt CORNELIA SCAEGEN dochtere vn Ed.Heere Johan
Scaegen woonachtich tot Alckmaer inde prrvincie van Noorthollandt
belovende de voirs. comparant met behoorlycken stipulatie inne
handen van mij notaris onder verbant als naer recht tvoirs. advoye
ende consent altijt te kennen vast ende stedich ende van werden te
houden sonder eenich wederseggen consenterende - aldus
gesciedt gelooft ende gepasseert binnen der vs. heerlicheyt van
Schyndel in presentie ende ten overstaen vanden Heere ende Mr.
Mathijs van Meerhout utiusque juris L [= licenciaet in beide rechten]
ende Bartholomeus Gijsberts van den Boogaert coopman ingeseten
de rvoirs. heerlicheyt ter getuygen hier over geroepen die dese
iegenwoordige neffens den vs. heere constituant ende mij notaris
hebben onderteeckent 26 daegen in october 1661
--------------------------------------------------------------------------------------
SCHEPENBANK INVENTARISNUMMER 353
Adviezen van schepenen en rechtsgeleerden
o.a. een van 23 juli 1678 betreffende de familie van Amstel waarin
genoemd worden JOFFROUW ANNA BOXHOORN weduwe en
erfgename van de HEER JAN VAN AMSTEL in zijn leven gewezen
kapitein ter zee en Elisabeth de dochter van Henrick Henricx van
Amstel inzake een obligatie van 500 gulden gepasseerd op
22 november 1667
--------------------------------------------------------------------------------------
fol.94
Scheiding en deling door de erfgenamen van Amstel nl. Peter van
Amstel, Emmerentiana van Amstel en Elisabeth van Amstel als mede
Jan Goyarts van Limborgh x Maijken van Amstel van de goederen die
zij in koop en opdracht zijn aangekomen van Anna Boxhoren weduwe
van JOHAN VAN AMSTEL zoals blijkt uit een Bossche schepenbrief
van 15 januari 1672:
--------------------------------------------------------------------------------------
Schijndels Aechief, notarissen.van den Heuvel, fol.123
Huybert Handrickx [70] en Lambertken Jan Joosten [50] jonge
dochter, beiden uit Schijndel, verklaren ter instantie van ELISABETH
dochter van HENDRICK VAN AMSTEL verklaren 'voor d'oprechte
waerheijt tgene hier naer is volgende ende ierstelycke die voirs.
Huybert H. heeft verclaerdt waerachtich te sijn dat hij versceyden
reijsen (sonder den precisen dach onthouden te hebben) ten huyse
van de voirs. Lijsbet requirante is geweest bij JOHAN VAN AMSTEL
CAPITEYN VAN EEN OORLOGHSCIP ten dienste van Hare Ho: Mo:
ende de voors. capiteyn van Amstel oock verscheyde mael heeft
hooren vertellen ende tegens hem attestant heeft verclaerdt de
gelegentheijt van sijne staedt alsoo hij attestant van oud ekennisse
seer familiair bij hem was ende ander andere menichmael tegen
hem heeft geseeght hoe dat hij op sijne suster Elisabeth noch
eenige schuldt hadde van wegen utcoop van sijn erffgoet
bedraegend eomtrent vijffhondert guldens, waer van een brief was
gemaeckt, maer dat dit was gedaen om redenen ende dat hij
effenwel daer van niet begeerde end edat hij deselve schult aen sijn
suster hadde gegeven off quytgescolden seggende " sij mach nu
timmeren ende doen met het huys soo sij wil, ick heb haer mijn part
quytgescolden ende gesconcken" - Lambertken Janssen heeft
verclaerdt waerachtich te sijn dat sij attestante bij d evoors.
Elisabeth requirante heeft gewoont voor dienstmaecht end
eoversulcx Johan van Amstel capiteyn als hij tot Scyndel quam,
ende bij de voors. Elisabeth sijne sustere altijt sijn optreck hadde,
menichmael heeft hooren seggen ind etegnwoordicheijt vande
voors. Elisabeth requirant dat hij vande schult die hij opde voirs.
Elisabeth sijne sustere hadde van wegen sijn gedeelt niet en
begeerde maer dat hij haer die sconck ende quytscelden, voegende
daerbij " sij mach nu timmeren ende met haer huys doen soo sij wil,
ick geve haer mijn recht - tot redenen van welwetentheijt
allegeerden die voirs. Huybert H. dat hij alswanneer die voirs.
capiteyn van Amstel tot Scyndel was, daegelicx bij hem verkeerde
end evan hem versocht werde om te comen praten ende met de
caerde te speelen en dat hij oversulcx tgene bij hem is getuycht den
voirscreven van Amstel menichmael in presentie vande vs.
Elisabeth sijne sustere ende veel meer andere persoonen (die hem
nu vergeten sijn) heeft hooren seggen end evoort geselschap
beroemden dat hij sijn suster soo holp - Lambertken legt eenzelfde
verklaring af - 23 september 1677.
---------------------------------------------------------------------------------------
uit: Het Schijndelse Landschap
Grevekeur annex Steenen Kamer
..........Ze worden getranporteerd aan de rentmeester de(r) gemene
middelen te 's-Hertogenbosch de Heer Cornelis Kuchlinus, ten
behoeve van Johan van Amstel
, kapitein in dienst van de Admiraliteit te Amsterdam. We zien de van
Amstels hier inderdaad later terug (BP 1623 fol 108v).De koopsom
bedraagt het voor die tijd kolossale bedrag van fl 6300,- Een
identieke akte was ook gepasserd in Amsterdam voor notaris Johan
van kampen, gemachtigd door Juffrouw Anna van Boxhoorn de
weduwe van Johan van Amstel (CvB485)........
---------------------------------------------------------------------------------------
De Roode Leeuw
Uit: Het schijndelse Landschap" blz.160
De historie van De Roode Leeuw is misschien niet spectaculair
maar in de documentatie zitten toch enkele interessante details
verborgen,.Ook van deze herberg annex brouwerij is de exacte
ouderdom niet bekend.Van Bokhoven suggereert dat de van
Amstels er rond 1630 de scepter zwaaiden.In 1687 wordt in een
akte gesproken over "huysinge,brouhuys,brouerye,brougereetschap
met den hoff,boomgaert ende lande aen de kerck genaemt de
Roode Leeu groot omtrent zseven lopensen.In het zelfde jaar wordt
de boomgaard beschreven met als belending de Keulse kar van
Cristiaan Hubens en de Roode Leeuw.
(In 1753 komt de Roode Leeuw in bezit van Jan van Rooij, mijn
oudst bekende voorvader.)
--------------------------------------------------------------------------------------
archief prinsen
pag.13
Procuratie van Jenneke Spierinx de weduwe van Huybert van
Mensel op de personen van Peter van der Heijden, Jaspar Peters
van Uden en de heer Hermanus Rijsterborgh m.b.t. het huis de
Roode Leeuw [9 december 1751]
De Roode Leeuw wordt verhuurd aan Peter Schoenmakers [14 februari 1752]
----------------------------------------------------------------------------------------
folio 146
23 augustus 1670
Taxatie van goederen nagelaten door kapitein Johan van Amstel
overleden op 29 september 1669 aan zijn erfgenamen o.a. een huis
onder de Borne ter waarde van 2500 gulden en de Essenencamp ter
waarde van 1700 gulden

======================================================
Uit: Taxandria 1895 blz 279
.
279
JOURNAAL, in 1665 gehouden op het schip de Vrijheid, waarop
commandeerde de Schijndelsche Zeeheld JAN VAN AMSTEL.
(Met een portret. 1)
.
Den 13”” Juni 1665 nam de Schijndelsche zeekapitein Jan van Amstel ‘) met
zijn schip,,de Vrijheid” tegenover de stad Lowesthoff onder het opperbevel
van den luitenant-admiraal Baron van Wassenaer - 0 b dam deel aan den
zeeslag, waarin de Engelsche hertog van York aan onze vloot eene gevoelige
nederlaag toebracht. Van het aandeel, dat hij in dien slag had, is het
navolgend journaal opgemaakt, dat met een begeleidend schrijven in afschrift
berust in de Bibliotheek van het Prov. Gen, van kunsten en wetenschappen te
‘s-Hertogenbosch :
Mijnheer, Saluyt. U.E. Brief van den 19 Juny 1665 heb ick ontfangen;
waeruyt ick versta U.E. allergesontheyt, ‘t welcke ick hoope dat lange sal
dueren en dat We malkanderen met gesontheyt, weder sullen spreken, als ‘t
de gelegentheyt sal toelaten: Vorders, ick soude U.E. wel eer geschreven
hebben van de vloot en hoe dat het is toegegaen, maar hebbe soo veel te
doen gehadt met dat wy soo schaloos zijn, dat het my onmogelick was:
Vorders, so weet dat Wy.........
--------------------
‘) Dat ik den inteekenaren dit portret kan aanbieden, dank ik aan de
welwillendheid van den heer Jhr. M. A. Snoeck te Hintharn, den bekenden
verzamelaar, die uit zijne overrijke collectie een teekening in sepia heeft willen
afstaan ter reproductie; deze is, iets of wat verkleind, hier weergegeven.
RED. ‘) Zie over hem P. A Verhagen. Eenige aanteekeningen over den
zeeheld Jan van Amstel.
(‘s-Hertogenbosch J. van de Veerdonk en Zn. 1894) ;
N. Brab. Volksalmanak 2889 blz. 2 en vlgd; Id. 1890 blz. 380 en vlgd.
---------------------
280
.........ons hebben geweert nevens noch eenige schepen, als oock Capiteyn
Treslong, die oock onder ons Esquader verdeelt is geweest, in sijn Range
onder den Heer Amirael Opdam, waervan wy de eerste waren; en doen den
Admirael sprongh, soo waren wy soo dicht by hem, dat wy met een steen in
syn schip konden goyen, maer het schip was wegh eer wy om saghen en ‘t
gaf geen slagh; maer niet te min soo hielen wy noch even groote couragie
nevens noch eenighe schepen, die by ons waren, waervan wy wel de voorste
waren, ende Capiteyn Treslong dicht achter ons op sijn plaets, daer hy met
sijn schip bescheyden was; want elck Capiteyn heeft sijn ordre waer hy moet
wesen encle soo wy gesien hebben, so heeft hy syn devoir gedaen als een
eerlick soldaet, gelijck hy oock is: Maer doen de schelmen gingen loopen
ende wy met ons 5 à 6 de gheheele Engelsche vloot niet konden wederstaen,
soo moesten wy oock om een goet heen sien, nevens Capiteyn Treslong, die
oock by ons was, met mijn Heer Tromp, so dat wy gesamentlijck in Texel zijn
gekomen. Hoe, omdat de Opper-hoofden niet bleven staen, gelijck Egbert
Meeuwsx, Jan Evertsx en Cornelis Evertsx, dat alle drie Admiraels waren, met
noch een deel Vies-Admiraels en Schout by Nachten, die vooruyt liepen,
moet men daerom eerlicke soldaten, gelijck mijn Capiteyn en Capiteyn
Treslonge ende eenige meer nu blameeren? Dat moet Godt verdrieten: Ende
U.E. sal wel hooren wie dat de schelmen zijn, die de oorsaeck zijn, dat wy so
schandelick hebben moeten siapperen tot alle eerlicke soldaten haer
leetwesen; maer niet te min, daer ginder al een deel by de kop ghevat en
sullen noch meer by de kop gevat werden, daer men, so ick hoop, een Galgh
mede sal vercieren, en als dan so sal men sien wie datse zijn, waerdoor dat
eerlicke Capit. werden geblameert: Doch al gingen wy met eens so stercken
vloot, als wy nu gheweest zijn, weder in zee en daer was geen beter order als
er nu geweest is, wy souden onsen vyant weynigh of geen schade kannen
doen; hoewel den vyant so veel niet ghewonnen heeft als men wel roept; hy
heeft vertrouw ick, wel so veel schade als wy, hoewel hy ons uyt zee heeft
gejaeght, also wy maer 5 schepen van ons Colegie missen, waervan noch wel
eenige mochten voor den dagh komen; want als er in ‘t Vlie en in Zeelandt so
veel zyn in ghekomen, als men seyt, so missen wy maer, 10 à 11 schepen;
doch hadden de Engelsen goede soldaten geweest, sy souden onse geheele
vloot hebben konnen ruineeren, want de vrees was onder de meeste en
deden malkander meer schade als de Engelschen haer deden; want sy
quamen malkander aen boort en de Engelschen dorsten ons niet aen boort
komen; want de Engelschen zijn geen soldaten, maer eveneens als de kleene
Honden, die van verre tegen de groote staen en bassen en durven haer niet
eens aenvatten; want sij leyden te loevert van ons en durfden op ons niet
afkomen. Maer Juulden wy de loef van haer gehadt, als sy van ons, sy
souden so niet gesiappeert hebben als wy hebben gedaen: Doch ick hoop als
onse vloot weer klaer is, dat het heel anders sal gaen; en als er een deel
Capiteyns opgehangen zijn, dat wy dan weer met een frisse moedt daerop
sullen toegaen: maer ick vertrouw dat het wel een Maent sal aenlopen, want
wy hebben wel een Maent werck om ons schip te repareren. En hier is last
(en de schepen zijn al voor de Helder gezeylt) om met den eersten goeden
wint met haar 26 uyt te lopen, waer na toe, sal den tijdt leeren. Ick sende U.E.
hier een Journael van de slagh, daer keunt gy uyt sien hoe rlat het is toe
gegaen : Vorders so hoeft U.E. niet te dencken dat Treslong gelopen heeft:
want als hij gelopen heeft, so zijnder geen soldaten in de Werelt die durven
staen blyven, maer het was elck syn best om met een goet fatsoen sijn schip
daer af te brengen; Vorders so wensch ick U.E. duysent goede nachten met
U.E. Huysvrouw en alle goe vrienden: ende stiert my altemets de Courant, so
sal ick U.E. het Neuws overschryven, dat hier passeert. Ick soude het wat
beter geschreven hebben hadde ick de tyt konnen vinden, maer ick hebbe so
veel te doen met ons schip te repareren, dat ick geen tijt heb gehad, want wy
zyn schaloos geschoten, datter geen 2 in de vloot en zijn die so schaloos zijn
als wy: Ende ich hebbe de tijdt niet konnen hebben, dat ick ditselfde aen mijn
Broer schreef: Ick sal U.E. noch naerder schryven als hier wat nieuws voor
valt.
Actum in Texel op den 20 Juny in ‘t Landtschip de Vryheydt, waerop
commandeert Capitegn van Amstel.
-------------------------------------------------
JO URNAEL.
Op Donderdagh den 11 Juny in de dag-wacht, Z. West ten Westen aen, de
wint als vooren en wierpen gront op 24 vadem Y in de voormiddag, Z.W. ten
Westen aen, de wint O.N. Oost, met een moye lucht, hadden de hooghte van
52 graden 12 minut. en hadden 26 vaem water, 2 glasen naer middagh doen
wy schaften, W.Z. W. aen, en doen West ten Noorden aen, noch 2 glasen:
Omtrent 3 uren in de naer middagh hebben wy de Engelsche vloot gesien en
was W.Z. W. van ons, de Wint O.N.O. en leyden N. W. ten N. aen en
maekten ons klaer: Omtrent voor vieren hebben wy ‘t Lant gesien, ‘t was W.N.
W. van ons 5 ù 6 mylen,,wy,wendent en leyden by de wint N.O. aen; het
Lant dat wy sagen was Souwels en doen de San onder was hadden wy
Souwels noch meest W.N. W. vun ons 6 à 7 mylen en wy leyden Z.O. ten
Zuyden aen, de wint Oost ten Noorden: in de eerste Wacht meest Z.O. aen,
tot 6 glasen in de honde-wacht; wy hebbent doengewent, het was stil en ‘t
luchjen uyt den O.Z. Oosten leyden meest N.N. West aen.Den 12 dito op
Vreijdagh was noch in de dagh-wacht
288
de wint in cours als vooren : En doen de kock geschaft hadde liep de wint
naer ‘t Z.Z.O. Omtrent ten 10 uren hebben wy ‘t gewendt, hadden de
Engelsche vloot N. W. van ons, wy hebben ‘t weer gewendt en leyden meest
Z. W. aen en hielden op de Engelsche toe, West sen, hadden de hoogte van
52 graden 2 minuten, Herrewits meest West van ons, de Engelsche vloot liep
meest Z. W. aen en weynigh daer naer liepen sy om de Noort en wy doen
oock, het luchjen uyt den Z. Westen, maer voortierden heel weynig, hadden
24 vadem water; en omtrent ten 5 uren is een Brander van ons in den brant
geraeckt, is gekomen met een Pistool los te schieten, maer het volck
geberght, op 2 Man na, die oock verbrant zijn. Wij hebben ‘t doen gewent en
liepen 8 glasen O.N.O. aen, de wind liep zuydelick met een kleyn luchjen en
leyden O.Z.O. aen en waren dicht bij de Engelsche vloot en de voorste
schepen N.N. West en d'achterste schepen N. W. ten Westen van ons en wy
zeylden 0. ten zuyden aen, stil 5 glasen, in de Honde-wacht, hebben het
gewent de wint Z. West, leyden ‘t W.N. W. aen.
‘S-HERTOGENBOSCH.
(Wordt vervolgd.) A. VAN SASSE VAN SSSELT.
.
302
JOURNAAL,
in 1665 gehouden op het schip de Vrijheid, waarop commandeerde de Schijndelsche Zeeheld JAN VAN AMSTEL.
.
11. en 13 dito, op Saterdagh, de tours als vooren: Omtrent s'morgens ten 2
uren begon Tromp op de Engelsche te schieten en viel heftigh op haer aen;
doch sy hadden de Loef van ons en de Capiteyn de Haen veroverde
aenstonts een Engels fregat met 46 stucken, dat hy uyt de Vloot bracht, dat
wy ‘t sagen: ‘t welck onder ons noch grooter couragie maeckten, ende
hebben ‘t gewent, de wint Z.Westelick en de cours Z.Z.O. en oock altemet Z.
Oos t, dat de wint scharp te ende waeren geduerigh by onzen Admirael
Opdam, volgens onse Range ende hebben àlsoo geduerigh ons devoir
gedaen met schieten: Wy hadden geduerigh den Admirael met de Blaeuwe,
den Vies-Admirael van de Roode en de Schout by Nacht van de selfde Vlagh
op onse zyde aen Stuerboort wat achterlick, die geduerigh op ons schooten,
gelijck wel aen ons gesien kan worden ende wy haer oock niet en borghden.
Wy hadden onsen Admirael dicht by ons en so wy naer hem sagen, waren
wy so dicht achter hem, dat wy onse Mars-zeyl moesten op de Mast brassen,
om malkanderen niet in de weegh te wesen: doch weer wy om sagen soo
sprongh hy in de lucht tot gruys, soo dat de spaenders met honderden in Öns
Schip vielen, ja dat wy daer door zeylden dat de Man te roer kon voelen dat
ons Schip daer door ongemaniert was en een groote slinger gaf, ende
moesten onse Fock intrecken om wat te vallen, want wy en wisten niet hoe dat
wy ‘t hadden om dattet geen slagh en gaf; doen hy sprongh was ‘t omtrent
drie uur in den achtermiddag en wy waren daerom niet eens verflauwt maer
schoten noch even sterck : Doch als de Engelschen saghen, dat onsen
Admirael wegh sprongh, soo schoten sy noch heftiger op ons en dat je
303
duerigh aen, nevens noch eenige Schepen, die by ons waren, en wy waren
oock wel de dichtste by den Vyant, doch in ‘t kort so sagen wy, dat onse
Vloot begon te verflouwen en die in ry en voor ons en achter ons waren,
begonden af te sacken, ja selfs eenige Hooft- Officieren, die voor de wint van
ons gingen ende haer zeyl vermeerde, so schoten wy niet te min even sterck
op den Vyandt aen: maer door des Vyandts ghedrangh, die op ons afquam,
moesten wy oock wat lichter afhouden en dat al schietende, so dat wy de
achterste waren in de Vloot, -alwaer wy ook onse Vies-Admirael van der Hulst
saeghen, die pas voor ons was, en wy op de zyde van hem quamen en onse
Capiteyn hem preyde, die hem vraeghden, wat hem van ‘t werck docht ende
hy gaf onse Capiteyn wederom tot antwoordt, dat het nu was, elck sijn best,
ende wy saghen doen, rondtom siende, verscheyde van onse Opperhoofden
voor ons uyt en hadden al by staen wat goedt doen konde, en de Heer Tromp
was oock een van de achterste, neven ons en Capiteyn Treslong, die aen
backboort van ons was: maer wijl onse zeylen soo schaloos geschoten
waren, soo liepen al onse Schepen ons handt voor handt voorby, een van
onse Branders, siende, dat hy ‘t niet en konde ontkomen, door dien de
Engelsche ons soo in liepen, vielen met alle man in haar sloep, staken den
brander aen brandt, die wel hevigh brande en lieten hem alsoo onder de
Engelsche Vloot dryven, maer, mat schade dat hy gedaen heeft en konnen
wy niet weten. En noch vermeerderde wy gheen zeylen, maer in plaetse van
vermeerderen soo verminderden onsen Capiteyn deselve, waerover ons
Volck begon te murmureeren en vraeghden of wy onsen Hoofden niet
mochten volgen? en waerom dat wy niet soo veel xeyben bysette als sy? en
waeren oock altijdt meest onder schoot van de Engelsche: daerbenevens
saghen wy, dat onse Schepen soo dicht in malkander liepen, dat Maerssev
e?? en met noch twee andere schepen aen malkanderen vast raeckte en soo
304
achter uyt dreven, wordende dese 3 schepen door de Engelsche Vloot, die
ons hardt vervolghde, in brandt gesteken. Den nacht door sijn duysterheyt
ons scheydende, stelde onse cours door ordre van twee Admiraels, te weten
Cornelis Evertsz en Cornelis Tromp, dewelcke aen backboort van ons laghen,
N.O. ten O. aen, met last dat wy onse Schepen, aen stierboort van ons zijnde,
‘t selve mede souden bekent maken, ‘t welck wy deden; mede belastende
geen vyeren op te setten en zijn soo voort gezeylt tot dat het begon te dagen
en wy wat van ons kosten sien. Wy waeren doen maer met ons 16 schepen,
waervan wy de achterste waren en oock de naeste by de Engelsche, die 52
Schepen sterck waren, den Admirael van de-Blaeuwe Vlagh was gheduerigh
tot voor het Texel op ons Stuerboortszy : de Harderin, die aen Backboort van
ons was, ziende dat se soo dicht by ons quamen, stelden sijn cours naer
onse andere Schepen, die in ry van ons waren en oock van de Engelsche
vervolght Wierden. Doen ‘t nu wat lichter wierdt, oordeelden wy byna het
Land vooruyt te moeten sien, somden derhalven een man naer boven, die ons
toeriep, dat hy Lant sagh vooruyt aen Backboort, doch onbekent, lieten ‘t
derhalven noch wat aen loopen tot dat wy den Tooren van Egmondt en
Kamperduyn aen Stuerboort voor uyt sagen en hielden ‘t doen recht bot in de
Wal tot op 7 vademen water, zijnde de Engelsche Vloot doen meest aan
Stuerboort binneschoots van ons; 4 schepen derselve meenden ons te
besetten, daer wy doen weer heftigh op begonnen te schieten, sy ons oock
niet borghende, ‘t welck duerde tot dat wy voor Texel quamen, krygende als
doen de geheele Vloot op ons lyf, en de 4 schepen, die dicht by ons waren,
tiende dat wy noch soo van ons beten verlieten ons en gingen doen op de
Harderin aen, want wy saghen wel dat die Man haer niet ontzeylen konde,
omdat hy sijn voorstenge quijt was, maer doen wy dat sagen, staken wy by en
om haer te beter te raken
305
schoten wy gheduerigh met onse heele iaegh op haer aen met onse
Backboort zy; sy voelende, dat wy haer soo wat in de bocksen gaven, staken
by en dorsten niet op ons af te komen en verlieten alsoo de Harderin, die
oock datelick naer ons toe quam en schoot oock op haer, maer doordien wij
zwaerder schut hadden, soo konden wy haer beter raken, ghelijck oock
bleeck, dat wy verscheyde schooten door haer henen hebben sien vliegen,
en oock d'eene sijn sloep van sìjn gat afschooten. En om haer de meeste
schade te doen, schooten wy doorgaens met dubbeldt scharp, slaende alsoo
met haer van ‘s morghens vroegh tot omtrent een uur op de middagh, totdat
sy ons verlieten en wy na,er ‘t gat liepen, by leyden en een Loots aen boort
kregen. Wy wachten doen na de Vloedt om binnen te loopen, zijnde wy de
leste, die binnen en wel 4 uren eer wy ten ancker quamen. Wy bevonden
alsdoen te hebben 115 schooten door onse zeylen en meest al ons staende
en loopende wandt aen stucken, twee schooten in onse groote Mast, waer in
noch d'eene kogel sit, 3 schooten in onse Boeghspriet en in de 80 schooten,
soo tusschen windt en water als in ‘t hart van ons Schip en alles met grof
kanon, onse groote Maersse Ree is ook aen stucken geschoten met beyde
Blinde Reen en Blinden, onse Kruyszeyls Ree, onse Bagyne Ree met noch
eenighe Reen en Stengen, die op zy hongen, en onse Reeketting is tweemael
sen stukken geschooten met onse groote Kaerder en Stenge Wintreep van
gelycken, onse Bootensloep is oock aen Spaenders geschoo ten en hebben
bevonden 6 dooden en 18 ghequetsen, en zijn soo doorschoten, dattet te
verwonderen is, dat wy geen 100 dooden of ghequetsten hebben, maer Godt
heeft ons bewaert en ons Schip is oudt en splintert niet, toe.
Wy hebben 9000 pont Kruyt met haer doende geweest hebben.
.
‘S-HERTOGENBOSCH.
.
A. VAN SASSE VAN YSSELT.

  Foto's en archief documenten

{{ media.title }}

{{ media.short_title }}
{{ media.date_translated }}

 Overzicht van de stamboom

Hendrick Petri van AMSTEL 1550-/1607   Hildegunda Jans Hilleken van der AA ca 1560-1635/   Petrus Willems Peters van GRINSVEN ca 1550-1605/   Anneke Jan Aerts van HELLEMONT ca 1565-
| | | |






| |
Hendrick Hendricx Petri van AMSTEL 1589-/1662   Anneke Petri Wilhelmi van GRINSVEN 1589-1662/
| |



|
beeld
Jan Johan van AMSTEL 1618-1669



  1. gw_v5_tour_1_title

    gw_v5_tour_1_content

  2. gw_v5_tour_2_title (1/7)

    gw_v5_tour_2_content

  3. gw_v5_tour_3_title (2/7)

    gw_v5_tour_3_content

  4. gw_v5_tour_3bis_title (2/7)

    gw_v5_tour_3bis_content

  5. gw_v5_tour_4_title (3/7)

    gw_v5_tour_4_content

  6. gw_v5_tour_5_title (4/7)

    gw_v5_tour_5_content

  7. gw_v5_tour_6_title (5/7)

    gw_v5_tour_6_content

  8. gw_v5_tour_8_title (6/7)

    gw_v5_tour_8_content

  9. gw_v5_tour_7_title (7/7)

    gw_v5_tour_7_content

  10. gw_v5_tour_9_title

    gw_v5_tour_9_content